Naar inhoud

Leegstand

Gemeenten zijn verplicht een beleid rond leegstand te voeren.
Het doel hiervan is de leegstaande woningen en gebouwen op hun grondgebied opnieuw te laten activeren.

In 2010 maakte de gemeente een belastingreglement op om eigenaars die leegstaande woningen niet opnieuw in gebruik namen te kunnen belasten.
In 2013 werd dit reglement geëvalueerd, waardoor de noodzaak om wijzigingen door te voeren werd vastgesteld.

De bedragen en verhogingen worden niet gewijzigd, enkel de verhoging tot maximaal 300% van de belasting wordt geschrapt.
Deze verhoging weegt mogelijk niet op tegen de meerwaarde die men op lange termijn kan creëren voor een onroerend goed via vastgoedspeculatie.

Tevens werden de vrijstellingsgronden geëvalueerd:

  • De belastingplichtige die één enkele woning in volle eigendom heeft zal niet langer worden vrijgesteld, alsook diegene die in een erkende voorziening voor ouderen wordt opgenomen. Indien men inspanningen levert om de leegstand op te lossen, kan men beroepen op vrijstellingsgronden die betrekking hebben op het onroerend goed;
  • De termijnen van de vrijstellingen m.b.t. het onroerend goed werden afgestemd op elkaar.
    • De vrijstellingsmogelijkheid bij vergunningplichtige werken werd ingeperkt tot de termijn van uitvoering, namelijk de periode tussen aanvang en beëindiging der werken.
    • Er werd een nieuwe vrijstellingsmogelijkheid ingebouwd voor eigendommen die volgens niet-vergunning plichtige werken worden verfraaid.
    • Tot slot worden de gemeente, het OCMW en de sociale huisvestingsmaatschappijen niet langer vrijgesteld van de leegstandsbelasting.

Het nieuwe belastingreglement op leegstaande woningen en gebouwen is van kracht vanaf 1 januari 2014.

Overzicht: